MBO-niveau

Mbo-niveau 2: “Iedereen mag eigen plafond hebben”

Het mbo kent vier niveaus. Maar wat kan je een stagiair nou laten doen en toevertrouwen op één van de lagere niveaus, niveau 2? “Begin met vrij eenvoudig werk en kijk wat iemand aankan”, zegt Elske Coenen, organisatieadviseur P&O bij de gemeente Montfoort. De kleine gemeente is al jarenlang ECABO-leerbedrijf en heeft stagiairs van diverse mbo-opleidingen.

Tijd

“We hebben leerlingen op allerlei plekken: bij Personeel & Organisatie, Financien & Control en de buitendienst. Stagiairs volgen opleidingen op diverse mbo-niveaus. We proberen een behoorlijk aanbod te hebben, al zijn we natuurlijk een kleine gemeente met zo’n tachtig medewerkers totaal. Stagiairs kosten toch tijd en vanuit onze p&o-afdeling ondersteunen we de leidinggevenden zo goed mogelijk, onder meer bij het beoordelen van de leerlingen.”

Stagelopen moeten leerlingen leren

“We hebben een introductieprogramma voor de leerlingen. Daarbij komen vragen aan bod als: ‘Hoe gedraag je je in een organisatie?’, ‘Wat kan wel, wat kan niet?’, ‘Hoe zit het met werktijden, roken of het gebruik van de mobiele telefoon?’.

“Zo’n eerste keer stage lopen is niet eenvoudig, het is een vak. Jongeren moet beseffen waarom ze het doen en hoe het gaat.”

Het blijft lastig om die overstap van klaslokaal naar praktijk te maken, van welk mbo-niveau ze ook zijn. Jongeren moeten echt leren wat het is om in een arbeidsorganisatie te werken. We helpen ze daarbij. Daar moet je als stagebegeleider wel plezier in hebben.”

Langzaam opbouwen

“Sommige leerlingen komen bijvoorbeeld op het bestuurssecretariaat te zitten, vlakbij het college van burgemeester en wethouders. Dat is nogal wat. Dat is wat anders dan in de plantsoenendienst. Je ziet leerlingen soms heel timide binnenstappen. We bekijken samen hoe we het takenpakket langzaam kunnen opbouwen en waar iemands plafond zit. En wat belangrijk is, is dat iedereen een plafond mág hebben.”

Eenvoudig werk

“Mbo-niveau 2 vraagt om vrij eenvoudig werk. We beginnen met enkelvoudige, terugkerende werkzaamheden. Laat iemand bij wijze van spreken eerst maar eens de facturen uit de enveloppen halen en een stempel erop zetten. Daarna komt het scannen misschien. En als dat duidelijk is, dan kunnen ze kijken hoe ze zoiets in het facturatie systeem verwerken. We zoeken altijd taken die op een bepaald moment voor een bepaalde leerling geschikt zijn. Dat voorkomt ook dat medewerkers continu vragen op zich af krijgen.”

Vrij laten

“We proberen leerlingen wel vrij te laten. Ze moeten zelf laten zien dat ze verantwoordelijkheid kunnen nemen voor hun taken. Er zijn natuurlijk altijd medewerkers in de buurt. We willen jongeren vooral ook laten zien hoe leuk het is om bij een gemeente te werken. Ze moeten met een goed gevoel hun stage beëindigen.”

Goed selecteren vooraf

“Omdat we zo’n kleine gemeente zijn met beperkte capaciteit om stagiairs te begeleiden, kiezen we de leerlingen bewust. Als ze kauwgom kauwend onderuit zitten tijdens een kennismakingsgesprek, nemen we ze niet aan. We selecteren op motivatie. We gaan ze niet koste wat kost bij ons plaatsen. Het moet van twee kanten komen.”

Rol van de school

“Wij hebben een groot hart voor onze stagiairs, maar de inzet van school laat wel eens te wensen over. Het is soms verdrietig om te zien dat leerlingen nauwelijks weten waar ze op afgestuurd worden. Ze weten vaak geen antwoord te geven op de vraag wat ze moeten leren tijdens de stage. De vraag ‘Wat zou je willen leren?’ vinden ze ook erg moeilijk. Daarom bepalen we vaak samen een eigen persoonlijk stagetraject met ze: we willen iedereen een zinvolle stage geven.”

Aanrader voor collega-stagebegeleiders

“Als ik een tip aan andere stagebegeleiders zou moeten geven, kom ik toch weer terug op die goede introductie. Dat is bij leerlingen van alle niveaus van zo’n groot belang. Ga in gesprek wat ze kunnen verwachten. Vertel aan welke regels ze zich moeten houden. En blijf ze in de gaten houden.

Stel de leerling de vraag: ‘Heb je erover nagedacht waarom je dit aan het doen bent en vind je dit zinvol?’

De leerling denkt: ‘Hé, ik word gezien’. Dat geeft een veilig gevoel tijdens de stage. Wij als volwassenen vinden zo veel handelingen zo vanzelfsprekend. Maar dat zijn ze niet altijd voor jongeren. Het is onze verantwoordelijkheid om iets van ons vak te laten zien en de stagiairs te leren wat werken is en hoe dat moet.”

Over mbo-niveau 2:

Wie een diploma op mbo-niveau 2 haalt, is in mbo-termen ‘medewerker/basisberoepsbeoefenaar’. Wat houdt dat in? Hij doet zijn werk grotendeels zelfstandig en heeft een uitvoerende, ondersteunende rol. Het gaat veelal om standaardwerk.

Heb je andere ideeën over leerlingen van mbo-niveau 2? Reageer!

Lees ook:
Mbo-niveau 4: “Snel vrije hand geven”
Mbo-niveau 3: “Vinger aan de pols houden”

 

Laat wat van je horen

*